Wat een beoordelaar opschrijft bij een 10.

Een beoordelaar leest tien plannen op hetzelfde criterium en moet uitleggen waarom het ene een 8 krijgt en het andere een 10. Het 6-factorenmodel is die uitleg, omgezet in zes vragen die je aan elke tekst kunt stellen. Het is geënt op hoe beoordelaars in ruim 1.500 aanbestedingen bleken te beoordelen, en het is de maatstaf waarmee TenderTools elk criterium reviewt dat je schrijft. Hier staat het volledig. Geen geheime formule. Zes vragen, maar geen checklist: de factoren hangen samen en wegen niet bij elke tender even zwaar. Dat is het menselijke deel van de beoordeling, en daar is het model op gebouwd.

Elke factor beantwoordt een andere twijfel van de beoordelaar. Een plan scoort pas hoog als alle zes op orde zijn.

Factor De vraag die de beoordelaar zich stelt Waar het misgaat
1. Beantwoord de klantvraag Snapt deze inschrijver wat ik vraag, en wat ik echt wil? Deelvragen komen niet of half terug; de doelen en visie van de opdrachtgever zijn niet vertaald naar een aanpak.
2. Projectspecifiek Gaat dit plan over míjn project? Standaardteksten. Andere functietitels dan in de leidraad. Team, proces, referenties en planning niet op maat.
3. SMART Kan ik deze beloftes toetsen en de inschrijver eraan houden? Intenties in plaats van getallen, termijnen en namen: "stevig team", "ervaren mensen", "uitvoering in fases".
4. Onderscheidend Waarom deze inschrijver, en niet een andere? Hetzelfde of minder dan de concurrent. Extra's die te klein zijn om ertoe te doen. Een aanpak die achterloopt op de markt.
5. Onderbouwd Waarom moet ik dit geloven? Geen KPI's uit eerdere projecten, geen referenties met resultaten, geen quotes, geen onderzoek.
6. Overtuigend Blijft dit plan hangen? Onduidelijk resultaat, te veel maatregelen, geen samenhang, geen aansluiting op wat de opdrachtgever voelt.

Naast de inhoud weegt een beoordelaar imago mee: de klik met je bedrijf, eerdere ervaringen, een professioneel voorkomen. Dat valt buiten de zes factoren en buiten de software; dat bouw je vóór de tender.

[ILLUSTRATIE-04: de zes factoren als twee lagen boven elkaar]

Twee lagen onder elke factor.

Elke factor heeft een communicatieve kant en een strategische kant. Communicatief is hoe het op papier komt: formulering, structuur, woordkeuze, herkenbaarheid van de antwoorden. Strategisch is wat je kiest, belooft en kunt aantonen: aanpak, team, propositie, bewijs. Dat zijn de twee problemen van elke tender: niet de goede aanpak, of de goede aanpak niet goed op papier.

Sterk strategisch en zwak communicatief is een schrijfprobleem: te trainen, snel resultaat. Andersom is het een strategisch probleem; daar helpt geen betere zin, dat is een gesprek over propositie en investeren. Zwak op allebei: begin bij de strategie. De review in TenderTools zegt per bevinding aan welke kant het zit.

Hoe de score tot stand komt.

TenderTools leest per criterium de vraag, de beoordelingsschaal en de weging uit de aanbestedingsstukken. Elke factor krijgt een score van 1 tot 10 met een toelichting; het totaal is de verwachte score op die schaal. Onder de score staan de algemene bevindingen, gesorteerd op wat de meeste punten oplevert, en notities naast de tekst tot op woordniveau. Je kunt elke notitie opvolgen, aanpassen of negeren; de tekst blijft van jou.

Het totaal is geen gemiddelde. Welke factor zwaarder weegt, volgt uit de uitvraag: vraagt een criterium om maatregelen met aantoonbaar effect, dan tellen SMART en onderbouwd zwaarder. De factoren versterken elkaar: een SMART belofte zonder onderbouwing is leeg, en bewijs bij een aanpak die de vraag niet beantwoordt, bewijst het verkeerde.

De beoordeling bij de aanbestedende dienst wordt door mensen gedaan. Niemand voorspelt die op de tiende nauwkeurig, wij ook niet. Wat het model wel doet: per factor laten zien of een criterium op een 8 blijft hangen of daarboven komt, en waarom. Het model komt uit de praktijk: ruim 1.500 aanbestedingen waarin we zagen waarop beoordelaars hun punten geven. De review in de software beoordeelt op dat model, niet op een database van uitslagen.

Hetzelfde criterium, een 8 en een 10.

Uit het demo-project [BRANCHE]: het criterium [CRITERIUM-01, bijvoorbeeld "Beheersing van overlast voor omwonenden tijdens de uitvoering"]. Links een conform, compleet antwoord dat op de basis hoog scoort en op het verschil laag. Rechts dezelfde tekst na de strategiestap: projectspecifiek, met één maatregel die alleen hier past. Beide gereviewd door TenderTools.

Versie 1: de 8

[SCHERM-14: reviewpaneel op dit criterium; tekst van deze versie uitklapbaar eronder]

Versie 2: de 10

[SCHERM-14: reviewpaneel op dit criterium; tekst van deze versie uitklapbaar eronder]

De teksten in het demo-project zijn geschreven in een neutrale stijl. Jouw strategie, huisstijl en tone of voice stel je zelf in; de review werkt op jouw plan, niet op het onze.

Wil je dit op je eigen plan zien? Zet in de proefperiode een concepttekst van jezelf in TenderTools en laat hem reviewen op het 6-factorenmodel. Dan zie je zelf wat de adviezen waard zijn.

Veelgemaakte fouten per factor.

Beantwoord de klantvraag+
  • Een deelvraag uit het gunningscriterium komt niet terug, of half.
  • Het antwoord komt pas na een inleiding over jezelf.
  • Eigen jargon in plaats van de woorden van de uitvraag.
  • De doelen en visie van de opdrachtgever staan erin, maar zijn niet vertaald naar een aanpak, en het zwaartepunt ligt niet waar de weging het hoogst is.
Projectspecifiek+
  • Andere functietitels dan in de leidraad.
  • Team, proces, planning en referenties zijn het standaardpakket, niet op maat.
  • Geen namen, locaties of omstandigheden van dit project: de alinea zou ongewijzigd in een andere tender passen.
  • Een referentie zonder uitleg waarom die voor déze opdrachtgever relevant is.
SMART+
  • Intentietaal: "streven naar", "zoveel mogelijk", "waar nodig".
  • "Stevig team" en "ervaren mensen" in plaats van namen en jaren.
  • Wie het doet en wanneer ontbreekt.
  • Beloftes die je niet durft te laten toetsen, of niet kunt waarmaken met dit team en deze planning.
Onderscheidend+
  • Hetzelfde aanbieden als de concurrent, of minder.
  • Extra's die te klein zijn om ertoe te doen.
  • Onderscheid claimen zonder het aan te tonen.
  • Een basisdienstverlening die niet compleet is uitgewerkt: zonder die basis telt geen extra.
Onderbouwd+
  • Beloftes zonder cijfer, referentie, quote of bron.
  • Bewijs uit een brochure in plaats van uit eigen projecten.
  • Bewijs dat iets anders bewijst dan de aanpak die je belooft.
  • Een aanname als feit gepresenteerd.
Overtuigend+
  • Onduidelijk welk resultaat de opdrachtgever krijgt.
  • Te veel maatregelen; de sterkste verdwijnen in de lijst.
  • Geen rode draad over de subcriteria heen.
  • Beeld dat ruimte vult in plaats van het verhaal draagt.

Scoor je eigen criterium op zes factoren.

30 dagen gratis. Geen creditcard. Eén eigen concepttekst is genoeg om het te zien.